You are browsing the website for customers from Netherlands. Based on location data, the suggested version of the page for you is
USA / US
Change country
x

ACTUALITEITEN

2019-05-16

De selectie van een inductieve sensor - verschillende diameters en uitgangen

Een geschikt geselecteerde inductieve sensor is de basis voor een goed werkende technologische lijn en voor apparaten die juist deze componenten van automatisering in hun dagelijks werk gebruiken. Het zijn deze sensoren die tegenwoordig verantwoordelijk zijn voor metingen, positioneren van metalen objecten en aftekenen van het transporttraject in vele productiesectoren. Inductieve sensoren zijn onontbeerlijk geworden in automatische besturing van machines en apparaten van een productielijn.

Hoe werken inductieve sensoren?

Uit het technische oogpunt is de werking van de sensoren ingewikkeld, maar men hoeft niet de technische details te kennen om hun werkingsprincipe te begrijpen. De werking van de sensor baseert op de detectie van verplaatsing van metalen delen in zijn directe omgeving en het versturen van signalen (informatie) over de ligging van het object. Een belangrijk voordeel van de werking van inductieve sensoren is dat ze contactloos werken, wat onderscheid ze van aanraaksensoren die gebaseerd zijn op contact met het object.
Tegenwoordig bieden fabrikanten een uiteenlopend gamma van automatiseringscomponenten, gebaseerd op belangrijkste selectiecriteria.

Selectie van de sensorbehuizing

De selectie van een inductieve sensor - verschillende diameters en uitgangen
Een behuizing van een inductieve sensor is aangepast aan de vorm van de component. In het geval van cilindrische sensoren, met een ovale vorm, kenmerken de behuizingen zich door een slag van de metrische schroefdraad die zorgt voor een eenvoudige montage, en de gebruiker kan de grootte of diameter van de schroefdraad selecteren op basis van een matentabel (bijv. cilindrische sensor M12 of ϕ12). Verkrijgbaar zijn ook inductieve sensoren met een behuizing in balkvorm.

IP-beschermingsgraad – een belangrijke parameter van een inductieve sensor

De beschermingsgraad (International Protection Rating) geeft de bestendigheid van de behuizing tegen externe invloeden aan volgens de norm IEC 60 529 (PN-EN 60 529). In de tekenreeks (IP XX) geeft het eerste cijfer de bescherming tegen indringen van vaste voorwerpen of stoffen en aanraking aan, en het tweede cijfer duidt op de bescherming tegen binnendringen van water. Een geschikte beschermingsgraad wordt dus geselecteerd afhankelijk van de omgeving en werkomstandigheden. Hoe zwaarder de werkomgeving, hoe meer een apparaat blootgesteld wordt aan externe invloeden, en de beschermingsgraad moet zodanig worden geselecteerd dat er optimale werkomstandigheden voor de sensor worden gewaarborgd. De basis- en meest populaire beschermingsgraad is IP 67, waarbij een apparaat veilig kan worden gebruikt in omstandigheden met veel stof (stofbestendig) en beschermd wordt tegen kortdurende (enkele minuten) onderdompeling in water tot 1 meter diep. Net als bij de selectie van de beschermingsgraad kan de selectie van een geschikt materiaal de levensduur van een component aanzienlijk verlengen. Door de werkwijze en -omstandigheden van een inductieve sensor te kennen kan een materiaal met de meest geschikte eigenschappen worden gekozen. Tegenwoordig komen RVS en sensoren van roestvrij staal en messing het meest voor.

Voedingsspanning van de sensor

De voedingsspanning bepaalt de waarde van de spanning die vereist is voor de juiste werking van een apparaat. Inductieve sensoren kunnen worden gevoed met gelijkstroom (DC) of wisselstroom (AC). De gebruiker kiest de spanningswaarde op basis van het ontwerp van de technologische lijn (productielijn).

Cruciale paramater – werkbereik van de inductieve sensor

Een inductieve sensor, anders dan een aanraaksensor, maakt gebruik van afstand om de positie van het bewaakte object te bepalen. In de praktijk verlengt dit voordeel de levensduur van een component door factoren uit te sluiten die bij aanraking van een sensor met het object optreden. In productielijnen worden afstanden van een sensor tot objecten vaak in millimeters gemeten.

Uitgangsconfiguratie van een sensor

De uitgangsconfiguratie beschrijft de uitgangstypes van een inductieve sensor, en dus de soort uitgangssignaal. Inductieve sensoren zijn verkrijgbaar in twee-, drie- en vierdraads uitvoeringen. De meest populaire is de driedraads uitvoering. Deze bestaat uit twee draden ten behoeve de voedingspotentialen, en één draad voor een binair signaal die op een besturingseenheid wordt aangesloten. Om de uitgangsconfiguratie van een inductieve sensor te begrijpen, moet er worden gelet op de soort bipolaire transistor die door een apparaat wordt gebruikt (PNP-transistor - positieve potentiaal op uitgang, NPN-transistor – negatieve potentiaal op uitgang). Afhankelijk van de configuratie van de transistor kan deze ingeschakeld worden bij detectie van het object (NO - normally open) of als de sensor het object niet detecteert (NC - normally closed). De configuratiesoorten van het uitgangssignaal:

  • PNP NO (bij detectie van het object brengt de sensor de uitgang op een hoge potentiaal)

  • PNP NC (bij geen detectie van het object brengt de sensor de uitgang op een hoge potentiaal)

  • NPN NO (bij detectie van het object brengt de sensor de uitgang op een lage potentiaal)

  • NPN NC (bij geen detectie van het object brengt de sensor de uitgang op een lage potentiaal)

Uitgaande van de selectie van het uitgangssignaal, kan de gebruiker ook een sensor kiezen - dat een analoog signaal (4-20 mA, 1-9 V) verstuurt.

linecard

Selecteer een fabrikant of categorie om producten te bekijken.

Quick Buy

?
produkt symbool aantal
Voorbeeld

Overige opties van Quick Buy

paypal_help

Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier, voor meer informatie over cookies en over hoe u onze cookies kunt beheren.

Niet meer weergeven