+1 300 000 producten
6000 pakketten
+300 000 klanten uit 150 landen
Gelieve, houd rekening met wijzigingen in het leveringsschema.
Hier komt u meer te wetenDe functie van elektromagnetische relais is triviaal, maar van essentieel belang. Het zijn elektromechanische elementen waarmee grote stromen (belastingen) kunnen worden geregeld met behulp van signalen met een relatief lage stroomsterkte en zo nodig ook met een lage spanning. Zij kunnen ook de tegenovergestelde functie vervullen, bv. het inschakelen van een lampje op het paneel om aan te duiden dat er een grote stroom loopt in het gecontroleerde circuit.
Een elektromagnetisch relais bestaat uit een spoel en contacten die worden gesloten door ze te verschuiven onder invloed van een elektromagneet. Met andere woorden: het aanleggen van spanning op de spoel leidt tot het sluiten of openen van een onafhankelijk circuit (of meerdere circuits, afhankelijk van de configuratie van de uitgangen).
Elektromagnetische relais worden al vele decennia gebruikt in de automatisering. Hun ontwerp wordt nog af en toe gewijzigd, maar de voordelen en beperkingen van deze elementen blijven onveranderd. Het belangrijkste voordeel is de scheiding van de circuits – het sturingscircuit en het bestuurde circuit. Dit geeft elektromagnetische relais een zeker voordeel ten opzichte van alternatieven zoals elektronische schakelingen op basis van halfgeleiders (transistoren). Deze functie wordt vooral gewaardeerd in de witgoed- en bruingoedindustrie, waar de veiligheid van gebruikers voorop staat, zelfs als het apparaat onjuist wordt bediend. In veel gevallen hebben relais ook het voordeel dat ze een eenvoudige constructie hebben en makkelijk in elektronische/elektrische circuits kunnen worden geïmplementeerd. Het vervangen van een relais in een controller, machinepark of auto is geen enkel probleem. Veel relais zijn ontworpen voor snelle montage en demontage. Verder zitten ze in speciale sockets en worden ze vervaardigd in standaardformaten om het werk van monteurs, onderhoudspersoneel etc. te vergemakkelijken. Helaas hebben relais ook zo hun nadelen – hoewel de stuurstromen klein zijn, kunnen die voor energiebesparende toepassingen toch als aanzienlijk worden beschouwd (tientallen of honderden milliampères). Omdat het mechanische componenten zijn, hebben ze een bepaalde mate van uitval en kunnen ze met hun schakelfrequentie niet tippen aan hun tegenhangers, de halfgeleiders.
Laten we eens kijken naar de basiskenmerken van elektromagnetische relais waarmee u rekening moet houden bij de keuze van de juiste componenten voor uw toepassing of bij het zoeken naar een vervanger voor een defecte component.
Het eerste aspect is de configuratie van de contacten. De basisafkortingen hier zijn de symbolen NO en NC die zijn afgeleid van het Engelse "normally open" en "normally closed". Dit betekent dat het door het relais gecontroleerde circuit afhankelijk van de behoefte normaal gesloten of normaal open kan zijn. Als het relais de taak heeft om de werking van het toestel slechts tijdelijk te onderbreken, moet u uiteraard een relais gebruiken dat in rusttoestand het gecontroleerde circuit sluit. Op deze manier is slijtage van het element beperkt (en verbruikt het geen energie bij normaal gebruik van het apparaat).
Naast de afkortingen NO en NC zijn de meest voorkomende contactconfiguraties:
SPST (Single Pole Single Throw) – de eenvoudigste schakelaar die het ingangscontact met het uitgangscontact verbindt, of deze verbinding verbreekt.
SPDT (Single Pole Double Throw) – een enkele schakelaar waarvan het ingangscontact zich in een van de twee positie kan bevinden, nl. kortgesloten met een van de twee uitgangscontacten. Als er geen spanning op de relaisspoel staat is de verbinding met een van de twee gesloten.
DPST (Double Pole Single Throw) – dubbele schakelaar. Een enkel besturingssignaal schakelt twee onafhankelijke circuits in. Zo'n relais kan worden gebruikt om tegelijkertijd bv. een belasting en een controlelampje dat een ingeschakeld apparaat signaleert, te bedienen.
DPDT (Double Pole Double Throw) – twee schakelaars waarvan de ingangscontacten zich in één van twee posities kunnen bevinden, nl. kortgesloten met één van de twee uitgangscontacten.
TME-klanten die op zoek zijn naar afwijkende configuraties kunnen gebruik maken van technische tekeningen. Deze kunt u vinden door met de muisaanwijzer te bewegen over het informatiepictogram in het veld "Contactconfiguratie" (dit is een van de filters die zichtbaar zijn aan de bovenkant van de pagina).
Naast de contactconfiguratie hebben de belangrijke parameters van relais vooral betrekking op hun elektrische eigenschappen. Het gaat hier met name om de volgende parameters:
Versie van het relais - bepaalt de algemene kenmerken van het element (bv. of het wordt gebruikt om signalen te besturen of dat het in staat is om grote inschakelstromen van inductieve belastingen, zoals motoren, te weerstaan). We vinden hier ook een indeling in bistabiele en monostabiele elementen. Zoals de naam al doet vermoeden, veranderen bistabiele relais hun toestand niet na het uitschakelen van de stuurspanning.
Nominale spoelspanning - de optimale spanning die op de spoel moet worden gezet om het relais zijn functie te laten vervullen. Een te lage spanning is onvoldoende om het circuit te activeren, terwijl een te hoge spanning de elektromagneet kan beschadigen. Het onderscheid tussen AC- en DC-gestuurde systemen is hier ook van belang.
Maximale geschakelde spanning - het hoogste potentiaalverschil dat mag optreden in het geregelde circuit. Overschrijding van deze waarde kan niet alleen leiden tot beschadiging van het relais, maar ook tot het optreden van doorslag en storing van de controller (dit vormt op zijn beurt een risico voor de gezondheid en het leven van de operators!). Datzelfde geldt voor de parameter Maximale belasting van AC-contacten.
Montage, grootte en raster van de uitgangen – relais hebben meestal een kenmerkende pinconfiguratie die onjuiste installatie voorkomt. Voor op printplaten gemonteerde componenten is de uitvoerlayout gewoonlijk compatibel met typische rasters (2,54 mm, 5,08 mm etc.). Er zijn ook relaisversies voor oppervlaktemontage (SMT). In het geval van industriële oplossingen komen we echter het vaakst elementen tegen die zijn gemonteerd in een houder– dit vergemakkelijkt de vervanging van het relais en minimaliseert de weerstand van de verbindingen.
Spoelweerstand – met deze parameter kunt u vaststellen welk energieverbruik u kunt verwachten bij gebruik van het betreffende element. U kunt hiermee ook een inschatting maken of het relais oververhit kan raken.

Magazijn: